Arbitreren1

Artikelindex

 
Begin van de partij:
 
De partij is begonnen nadat de arbiter de spelers uitnodigt voor de tos
om te bepalen wie er begint met het beproeven van het materiaal.
Voor het inspelen is de eis:
 
a:     op de klok letten om de grens van drie minuten te bepalen
b:     na 3 minuten op verstaanbare wijze annonceren:
        “U heeft nog een minuut inspeeltijd”. Hierna zijn maximaal nog
        drie pogingen toegestaan voor uitsluitend de aquitstoot, ook al
        wordt hierdoor de vier-minuten-grens overschreden.
        De arbiter mag de speler behulpzaam zijn met het herplaatsen
        van de ballen.
 
Wil de speler, nadat de arbiter hem heeft medegedeeld dat hij/zij
nog 1 minuut mag inspelen, daarmee doorgaan, dan heeft de speler
daartoe het recht, echter niet langer dan de resterende minuut.
Wil hij/zij, nadat de 4 minuten zijn verstreken, alsnog de aquitstoot
proberen, dan mag hem dat niet meer worden toegestaan.
Voor het verwisselen van een topeind, wordt de daarvoor benodigde
tijd niet bij de vier minuten opgeteld.
Tijdens het inspelen zijn de spelregels niet van toepassing, echter
de speler dient zich wel aan de gedragsregels te houden.
Na het beproeven van het materiaal, dient de arbiter de speler te
wijzen op het feit dat zijn of haar inspeeltijd voorbij is.